Bij ONS Sneek draait jeugdontwikkeling niet alleen om het verbeteren van de voetballer, maar ook om de groei van de persoon achter de voetballer. Dat klinkt mooi, maar vraagt in de praktijk om een duidelijke werkwijze: hoe maak je het spel begrijpelijk voor iedere speler, op ieder niveau? En hoe zorg je dat trainers dezelfde taal spreken, zonder dat voetbal nog complexer wordt?
In het interview met Robin ten Katen (hoofd voetbalzaken bij ONS Sneek) komt precies die zoektocht naar voren. Hij vertelt waarom de Smart11 workshops bij de club terechtkwamen, hoe ze aansluiten op de manier van opleiden, en wat trainers volgens hem meteen kunnen toepassen op het veld, met hun spelers.
Een zoektocht naar duidelijkheid in een complex spel
Robin beschrijft voetbal zoals veel trainers het ervaren: boeiend, maar ingewikkeld. Hij zegt dat hij (net als veel trainers) continu zocht naar een manier om speelwijze en ontwikkeling beter te ‘vangen’ in iets dat spelers echt begrijpen.
“Voetbal is best complex. Je hebt het over 22 mensen op een veld, een bal die rolt, weersomstandigheden… en dan probeer je als trainer ook nog eens iets mee te geven. En dat kan best lastig en complex zijn.”
Die complexiteit is voor Robin niet de reden om het spel te versimpelen, maar juist om het beter te ontleden. Zijn kernvraag is: hoe maak je het zo concreet dat het individu—de speler zelf—snapt wat er nodig is om resultaat te halen op zijn positie?

Van eerste contact tot club-brede ambitie
Robin vertelt dat het traject voor hem al begon vóór de workshops zelf. Hij kwam “twee jaar geleden” in contact met Smart11 (onder andere via Gijs Tuinder) en ging zich er vervolgens echt in verdiepen. Hij volgde zelf een cursus en dat maakte indruk:
“Zelf de cursus gevolgd en dat sprak voor mij gewoon boekdelen. Het was perfect en je gaat zo de diepte in op het individu en wat het individu nou echt nodig heeft om op zijn positie op het veld resultaat te halen.”
Toen hij startte in zijn rol als hoofd voetbalzaken bij ONS Sneek, wist hij één ding zeker: dit moest niet bij één trainer blijven. Daarom nam hij direct contact op met Kevin Brander om te kijken of er scholing via workshops kon worden georganiseerd, en dat kon!
Workshops als startpunt
De workshops bij ONS Sneek waren nadrukkelijk bedoeld als een toegankelijke instap. Robin legt uit dat een deel van de trainers de opleiding volgt, en dat de workshopvorm juist is bedoeld om breed te kunnen kennismaken. Wat hij waardevol vindt aan workshops is dat trainers niet alleen ‘horen’ wat het is, maar echt ervaren hoe het werkt:
“Het is gewoon een hele fijne manier om even te proeven en te kunnen voelen hoe Smart11 werkt en hoe je echt verdieping kan vinden in het ontwikkelen van het individu binnen een speelwijze.”
Dat sluit bovendien goed aan bij een clubcontext waarin opleiden en organiseren van workshops voor trainers en spelers vaker voorkomt.

Minder uitleg, meer begrip: impliciet leren met ‘analogieën’
In het interview gaat Robin nog een laag dieper: hoe coach je zó dat spelers het kunnen verwerken—zeker in wedstrijden “op hoog niveau”, waar te veel informatie niet werkt?
“We hebben liever dat we met analogieën werken… dat is veel beeldender voor spelers dan dat je ze continu gaat uitleggen op welke plek ze moeten staan… en veel te veel informatie geeft die ze niet kunnen verwerken.”
Daar zit een duidelijke coachingfilosofie achter: je wil spelers niet overladen, maar ze helpen om sneller te herkennen wat er gevraagd wordt. In literatuur over impliciet leren en analogy learning in sport wordt dit vaak gekoppeld aan het vermijden van ‘te veel regels’ in het hoofd van de speler, en het ondersteunen van leren onder druk.
Robin ziet die aanpak ook terug in wat spelers gaan ervaren—niet per se als een radicale ommezwaai, maar in de details.En dat concreter worden heeft volgens hem een groot effect op het begrip en de logica in het spel.
Zelfreflectie en zelfregulering
Wanneer het gesprek naar technologie gaat, is Robin heel duidelijk over de plek die tools kunnen hebben. Niet als ‘extra’, maar als middel om zelfreflectie en zelfregulering te ondersteunen.
“Wij zijn heel veel bezig met zelfreflectie en zelfregulering en daarbij is dit gewoon een heel makkelijk middel.”
De link tussen zelfgestuurde feedback (zoals zelf beelden terugkijken en daarop reflecteren) en leren is ook een terugkerend thema in onderzoek: studies rond self-controlled video feedback laten geregeld zien dat ‘eigenaarschap’ over wanneer en hoe je feedback gebruikt, kan bijdragen aan leerwinst bij complexe (tactische) taken.
Wat ONS Sneek meeneemt uit de Smart11 workshops
Als we Robin zijn verhaal terugbrengen tot de essentie, draait het om drie dingen die hij steeds opnieuw benoemt: duidelijkheid, individueel rendement en een werkwijze die spelers echt helpt.
Hij wil dat trainers beschikken over een aanpak die het spel behapbaar maakt en tegelijkertijd de diepte in gaat op het individu:
“Je gaat zo de diepte in op het individu en wat het individu nou echt nodig heeft…”
De Smart11 workshops bij ONS Sneek zijn in zijn ogen vooral waardevol omdat ze trainers helpen om voetbal weer terug te brengen naar de kern, het individu centraal te zetten binnen een speelwijze, en technologie slim te gebruiken voor reflectie en ontwikkeling—zonder het ingewikkelder te maken dan nodig. Dat sluit ook aan bij de bredere samenwerking waarbij Smart11 bij ONS Sneek workshops verzorgt en trainers ondersteunt in hun ontwikkeling.